Zeeuws Steenuilfonds

Foto Ben B. ©. Steenuil op waterkraan.

Achtergronden.
De grote ruilverkavelingen in de jaren zestig van de vorige eeuw en de daarop volgende uitbreiding van de industrie, wegenbouw, recreatie en modernisering van de landbouw waren verantwoordelijk voor de grote veranderingen in het Zeeuws landschap. Het zo typisch kleinschalige Zeeuwse landschap, waarin steenuilen zich van oudsher wisten te handhaven, verdween in rap tempo en daarmee ook de nestgelegenheid in hoogstamfruitbomen en knotwilgen. 

Rond de jaren veertig van de vorige eeuw. 
Rond de jaren veertig van de vorige eeuw bevonden zich op alle eilanden en in Zeeuws-Vlaanderen nog ruim 2200 paar steenuilen. Vijftig jaar later waren ze op bijna alle Zeeuwse eilanden uitgestorven, alleen op Zuid-Beveland wist een kleine populatie zich te handhaven, waarschijnlijk omdat in de Zak van Zuid-Beveland het oude cultuurlandschap bewaard is gebleven. Omdat Zeeuws-Vlaanderen grenst aan België heeft steenuil zich daar ook nog kunnen handhaven, weliswaar met ook een afgenomen populatie. 

Achteruitgang van de steenuilpopulatie. 
Nadat in 1996 landelijk de noodklok werd geluid om de achteruitgang van de steenuilpopulatie een halt toe te kunnen roepen werd STONE opgericht ( Steenuil Overleg Nederland (www.steenuil.nl) Alle regionale vogelwerkgroepen en Landschaps stichtingen zijn toen onder aanvoering Stone begonnen met maatregelen, o.a. met het in kaart brengen van de overgebleven populaties, samen met agrarische bedrijven en eigenaars van geschikte erven en met het ophangen van nestkasten ter vervanging van natuurlijke broedholtes. 

Bescherming op door ‘boeren en buitenlui’ 
In 1996 waren er nog ongeveer 25 bezette steenuilterritoria, die zich voornamelijk in de Zak van Zuid-Beveland ophielden, het deel van Zuid-Beveland ten zuiden van de A 58.In Zeeland pakte Stichting Landschapsbeheer Zeeland (SLZ) de bescherming op door ‘boeren en buitenlui’ te benaderen om op hun erf herstelmaatregelen te kunnen nemen, zoals het onderhoud van knotwilgen en fruitbomen, aanplanten van hoogstam fruitbomen en notenbomen, het aanleggen drinkputten, het in stand houden van rommelhoekjes. En er werden in 10 jaar ongeveer 100 nestkasten opgehangen. De leden van de Vogelwerkgroep gingen jaarlijks in de wintermaanden op pad om dmv tapen de populatie in kaart te brengen.  

Provincie Zeeland subsidie beschikbaar gesteld. 
Tussen 2007 en 2017 heeft de Provincie Zeeland subsidie beschikbaar gesteld voor extra maatregelen om de steenuilpopulatie op Zuid-Beveland te behouden en mogelijk uit te laten breiden. Peter B.

Foto…..©. Jonge steenuil

van Bureau Natuurbelevenis kreeg van SLZ de opdracht om hier het hele jaar mee aan de slag te gaan. Om in 10 jaar ruim 300 nestkasten op te hangen was de medewerking nodig van veel eigenaars van grote tuinen en agrarische erven en die deden zonder uitzondering hier allemaal graag aan mee waardoor het aantal broedende steenuilen toenam en er zelfs uitbreiding buiten de Zak volgde. 



In 2017 waren er al 55 bezette steenuilterritoria. 
In 2017 waren er al 55 bezette steenuilterritoria, helaas besloot op dát moment de Provincie Zeeland om de subsidie in te trekken. Steenuilliefhebbers richtten toen het Zeeuws Steenuilfonds op www.zeeuwssteenuilfonds.nl  een onafhankelijk Fonds dat administratief bij Stichting Het Zeeuwse Landschap kon worden ondergebracht. Door giften, donaties en de opbrengst van activiteiten kon het beschermingswerk worden voortgezet, helaas wel in afgeslankte vorm. 

De steenuil komt oorspronkelijk voor in de warmere en gematigde delen van Europa.
De steenuil is oorspronkelijk een soort van half-woestijnen en steppen in de warmere en gematigde delen van Europa, Noord-Afrika en Azië. Met de voortgaande ontbossing en cultivering van Europa heeft de steenuil zich in de loop der tijd kunnen uitbreiden naar nieuwe leefgebieden in West- en Midden-Europa. De soort vestigde zich in appel- en olijfboomgaarden, kurkeiken, steengroeven, rotsformaties en steilwanden. In onze streken zocht hij de altijd groene weidelandschappen in het laagland op met zijn oude knotwilgen, extensief gebruikte hoogstamboomgaarden en kleinschalige dorpsranden. Hier vond hij de combinatie van geschikte jachtgebieden in open terrein met het hele jaar door korte vegetatie, geschikte zit- en schuilplaatsen en een breed aanbod aan nestholten in oude bomen, muren en gebouwen. 

Foto Monique van K. ©. Steenuilen op dakpannendak samen met hun grote concurrent op het gebied van woonruimte.

De steenuil is de kleinste in ons land voorkomende uil.
De steenuil is de kleinste in ons land voorkomende uil. Door de bolle kop en het relatief dikke verenpak lijkt hij groter dan hij is. Met een lichaamsgrootte van 21 – 23 cm en een vleugelspanwijdte van 54 – 58 cm is hij nauwelijks groter dan een zanglijster. Gemiddeld zijn vrouwtjes iets groter en zwaarder dan mannetjes. De overlap in de maten is zo groot dat de geslachten in het veld op basis van grootte niet van elkaar te onderscheiden zijn. Dit kan overigens evenmin op basis van het verenkleed.
Klik op de verslagen om het beschermingswerk van jaar tot jaar te kunnen volgen en op www.zeeuwssteenuilfonds.nl als u misschien het steenuilenbeschermingwerk (financieel) wilt steunen.

Voor activiteiten vogelwerkgroep zie Agenda activiteiten

Verslagen steenuilenbescherming van de laatste drie jaar

TitelJaarAuteurPdf
Verslag Steenuilbescherming Midden Zeeland2021Peter B.Openen
Verslag Steenuilbescherming Midden Zeeland2020Peter B.Openen
Verslag Steenuilbescherming Midden Zeeland2019Peter B.Openen
Verslag Steenuilbescherming Midden Zeeland2018Peter B.Openen
Verslag Steenuilbescherming Midden Zeeland2017Peter B.Openen